Sommige portretten zie je één keer en vergeet je weer. Andere blijven terugkomen.
Dat heeft zelden te maken met de camera, de scherpte of een perfecte pose. Meestal zit het in iets kleins: een blik die klopt, een houding die herkenbaar is, een moment waarop iemand even niet bezig is met gefotografeerd worden.
Herkenbaar zonder voorspelbaar te zijn
Een goed portret hoeft iemand niet anders te maken dan hij of zij is. Integendeel. Voor mij wordt een beeld sterker wanneer er iets in zit dat je onmiddellijk herkent, maar misschien nog nooit zo bewust had gezien.
Dat kan de manier zijn waarop iemand kijkt, de rust in een gezicht of net een klein beetje spanning. Bij een hond is het soms de stand van de kop, de ogen of de manier waarop hij naast zijn mens zit.
Ik probeer dat niet te forceren. Ik stuur waar het helpt en laat los waar dat beter werkt.
Perfectie is niet het doel
Een technisch perfect beeld kan leeg blijven. Een foto met een kleine onvolmaaktheid kan juist raak zijn. Dat betekent niet dat techniek onbelangrijk is. Licht, compositie, scherpte en afwerking moeten kloppen. Alleen mogen ze nooit het onderwerp overschreeuwen.
Wat uiteindelijk telt, is of je naar het beeld wilt blijven kijken.
Een beeld dat een plaats verdient
Daarom maak ik liever enkele sterke portretten dan een grote reeks die op elkaar lijkt. Na de fotografie selecteren we wat echt werkt en bekijken we welk beeld ook buiten een scherm betekenis houdt.
Soms is dat één portret. Dat is genoeg.